Column: Wie ziet de ruimte en wie pakt hem?

Alle economische signalen staan op donkerrood en de vooruitzichten zijn belabberd. Voor veel ondernemers in Flevoland zijn dit zware tijden en de verwachting is dat met name bij ons mkb de grootste klappen nog moeten vallen. Wat betekent dat voor Flevoland. Wat betekent dat voor pioniers? Wat gaan we dóen?

Allereerst moeten we alles op alles zetten om bedrijven te steunen die in de kern gezond zijn en het nu heel zwaar hebben. Zo zet Horizon Flevoland alles op alles om een noodregeling van het Rijk uit te voeren, de Corona OverbruggingsLening (COL). Hiermee kunnen we tientallen innovatieve bedrijven voorzien van cash om dit jaar het hoofd boven water te kunnen houden. En hopelijk zelfs door te gaan met investeren.

Tegelijk moeten we ook nadenken over de toekomst, hoe troebel die ook is. Een deel van de bedrijven in Flevoland zal deze crisis helaas niet overleven, met persoonlijk ondernemersleed en werkloosheid tot gevolg. Een ander een deel zal jaren worden teruggeworpen. De veerkracht en het doorzettingsvermogen die zo kenmerkend zijn voor Flevoland zijn nu meer dan ooit nodig.

Ik zie ook dat juist in deze periode nieuwe kansen ontstaan. De samenleving is in beweging, de economie staat op losse schroeven, behoeftes van consumenten en klanten veranderen, concurrenten verdwijnen… Dat betekent ruimte. En ruimte geeft lucht. Dingen die eerst niet konden, kunnen nu misschien wel. Waar water was komt land. We moeten ons een weg uit deze crisis innoveren.

Nadat de internet-bubble in 2001 barstte, ontstond ruimte voor tech-bedrijven zoals Skype, Marktplaats, YouTube en Netflix. Na de financiële crisis eind 2008 namen disruptieve bedrijven als Uber, Airbnb, Adyen en Tesla een enorme vlucht. Dus de vraag die mij nu bezighoudt is: wat zijn de zaadjes in de polder die juist in deze periode lucht krijgen om te groeien? Bij welke ondernemers borrelt het? Wie gaat ons straks verrassen?

Niemand kan in de toekomst kijken, ook ondernemers niet. Maar innovatieve ondernemers kunnen de toekomst wel beter aanvoelen. Noem het intuïtie. Die vermoeden dat de vraag van klanten gaat veranderen en die spelen daar op in. Of nog beter: die denken aan een product waarvan wij nu nog niet weten dat we die enorm nodig gaan hebben, en die creëren daarmee de vraag van de toekomst. Die hebben een visie, ze nemen risico (ze hebben een beetje geluk) en ze zetten door.

De overheid kan geen keuzes maken welke technologieën het wel gaan halen en welke niet, dus dat moeten we aan de markt overlaten. Maar de overheid kan en moet wel ambities formuleren wat we als regio willen en de lat bij voorkeur heel hoog leggen. Laat het maar aan ondernemers over om daar creatieve oplossingen voor te verzinnen. Digitalisering en verduurzaming zijn grote maatschappelijke opgaves. Welke Flevolandse ondernemer broedt juist nu op de oplossingen die u en ik niet zien. Komt de toekomst na 2020 uit Biddinghuizen, Emmeloord of Almere? Wie ziet de ruimte en wie pakt hem?

Marco Smit, directeur Horizon Flevoland

Terug